Bron: FAW


Brief dd zaterdag 20 oktober 1787 van Mevr E.A, Weerts-Wentholt, waarschijnlijk uit Kampen waar haar oudste zuster woonde.

Verklaring:
Zoon Arnold gaat naar de opleiding voor zeeofficier te ---- Vader Arnold gaat waarschijnlijk naar 't Ross een buitenplaats bij Lochem, in bezit van de zuster van briefschrijfster.

  • Biljet was gegeven: Aankondiging van inkwartiering.
  • camisool: lang vest
  • Dat wijf: Mogelijk de volksvrouw en oranjeklant bekend als “Dikke Trijn”
  • petit menage: Kleine huishouding
  • Den Hertog: Bedoeld is waarschijnlijk Pruisisch legeraanvoerder Hertog Karel van Brunswijk-Lunenburg een neef van de “dikke Hertog”
  • gejugter: ??
  • decour: Waarschijnlijk verbastering van discours=gesprek


    
    
    1	                                          Den 20 october	   
    	                                          1787	   
    		   
    	Ik ben sedert uw vertrek iets beter. Mijn ongemak	   
    5	is sedert 2 dagen opgehouden. Ik ben niet adergelaten.	   
    	Na uw lieder vertrek was ik seer treurig want vermede	   
    	mij A[rnold] nooyt weer te sien. De schrikken en alteraten	   
    	doen een mens als ik ben seer verswakken.	   
    	Ik bidde God om gesontheid om nog te kunnen doen	   
    10	datgene dat te best is van ons talrijk gesin is	   
    	in dese bittre dagen. Ik heb met genoegen al	   
    	gehoort dat U e[dele] met A[rnold] nogal redelijk tijdig	   
    	te --- sijt gekomen so als een schipper 	   
    	hier verhaald heeft. 9.e zit je te R. dierom	   
    15	adresseere ik uw dese aan die plaat[s]. Ik	   
    	wens God uw gesontheid mag geven en	   
    	dat ge uw eens wat meugt veranderen.	   
    	Dat alles wel voor A[rnold] mag besorgt worden	   
    	om geen reproches weer bij ons selve te 	   
    20	hebben dat hij het diedege niet heeft gehad.	   
    	Ik hoop het sig na wensch sal schikken en 	   
    	A[rnold] voor al een goede houding sal hebben	   
    	als hij sig presenteeren moet.	   
    	Melt mij eens wanneer het schip onder zeyl	   
    25	zal gaan omdat ik nog die twe[e] boekjes	   
    	van le Klerk en nog een Camisool wilden	   
    	senden so het nog konde overkomen voor	   
    	't vertrek. Ik verlang na een brief van	   
    	U e[dele] in deze tijden.	   
    		   
    	                                                blz 2	   
    		   
    30	Donderdag heb ik een brief gehad van	   
    	eene onser beste vriendinnen die mij melde	   
    	als dat er dingsdag biljet was gegeven aan	   
    	ons huis voor een officier en een knegt	   
    	1 huusaar en 3 paarden. Dat onse kamer	   
    35	dinaar seer verlegen was eten voor	   
    	die heer claar te maaken dat hij bij	   
    	dese en gene gevraagd had of hem ook	   
    	een schoteltje of 2 konden veer[d]i[g] maken.	   
    	Dog Deet was er niet op. Ik had ook al voorgenomen	   
    40	om van C[ampen] te vertrekken voordat ik het hoorde.	   
    	Ik resolveerde derhalven met mijn kinder	   
    	de reys of na hier of na Br[inkgreve], nadat	   
    	het ons best soude voorkomen, aan te nemen.	   
    	Onderweg hoorden dan wij dat de Husaren	   
    45	hier nog waren derhalven nam ik voor na D[eventer]	   
    	te vertrekken. Het is hier nogal het selvde.	   
    	Sl[oet] heeft voor enige avonden weer veel onaan-	   
    	genaamheid gehad door degene	   
    	hebben hem geseyd dat vertrekken moest dat	   
    50	hij met hem in geen geselschap konde wesen.	   
    	Hem diergelijke als die termen waren die	   
    	een seker mij seer bekend heer heeft moeten	   
    	verdragen die je ook kent als uw selven	   
    	..m ---ve Hebben se dien selvden avond	   
    55	met stokken daar uit geranselt. Is b.ont	   
    	en blauw gebeukt. Dog de saak na den Hertog.	   
    	God geve dat er regt op mag komen d.. sij	   
    		   
    	                                                  blz. 3	   
    		   
    	sullen haar schoonst vertellen.	   
    	Wij hebben een cornet een knegt en	   
    60 	3 paarden en een Huusaar. De heer is een 	   
    	best mens en ik schippere het so goed als	   
    	ik kan als ik gesontheid mag genieten.	   
    	Dog ik kan mij niet herstellen wegens al	   
    	de naarheid. Vanavond had onsen Elieser	   
    65	wel 100 jonges agter sig. Moest in een huis	   
    	vlugten. Doorsaak was dat Anne W---.	   
    	die door uw voor enige jaaren geleden wat	   
    	sterk wierd aangesprooken hem daar over	   
    	ataqueerde. Hij moest in een huis vlugten	   
    70	En so gaat het hier. De Pruisen sul[len].	   
    	hoop ik het weer wat tot bedaren brengen.	   
    	Om den andere dag word er een nieuwe hopman	   
    	voorgestelt en dat geeft braaf gejugter so je	   
    	kunt opmaken. U moet niet komen of	   
    75	het mij eerst melden en deet ik u dan seg	   
    	waar te koomen. Dat wijf sijde "al is hij	   
    	te Campen hij sal nog wel eens sig vergissen	   
    	wij sullen hem stenigen". Dit is een decours	   
    	van zo een gem---  Dog al evenwel	   
    80	ik rade uw so je al komt ik sal, op die	   
    	plaats daar je weet dat wij over gesproken	   
    	hebben, een petit menage veerdig maken	   
    	en dan ga ik met kinder en al na	   
    	Zutphen. Ik kan het hier niet houwen	   
    85	Wilm Bol---n is vandaag hier geweest	   
    	sijde daar alles stil was. Geen geloop van	   
    	s[oldaten] van dat nabij gelegen steetje.	   
    		   
    	                                               blz 4	   
    		   
    	Onse J[an] is nog daar hij [toen] heen ging.	   
    	Sal hem als daar niet langer kan sijn	   
    90	schrijfen daar heen te gaan. Bovengemelde	   
    	W[il]m sal uw eten besorgen.	   
    	Ik geloof de commissie van D--- veel te laste sal	   
    	gelegt worden over onnodige --- en agterhou--	   
    	Ik hoop U e[edele] mij sult schrijven, maar adresseert	   
    95	uw brieven aan Sl[oet]t.   
    	Ik adresseere dese aan den soliciteur quasi	   
    	niet wetende waar ge logeert.	   
    	Op onse pl[aa]ts is alles wel. Garrit is van de	   
    	morgen in de stad gewesen. Ich begin al wat	   
    100	Hoogduits te redenen.	   
    	Adieu, alle groeten. Uw met A[rnold] die ik hartelijke	   
    	in gedagten omhelse en die ik bij Gode aanbeven	   
    	mogt hij God vreesen, en so doende het gaat	   
    	ook hoe het wil gelukkig wesen. Hij is een beloner	   
    105	dergenen die hem soeken. Laat hij ons so dikwils	   
    	mogelijk is schrijven. Adieu ik kan niet me[er].	   
    	Ik moet na bed. Ben gefatigeert heb hooft, tand-	   
    	pijn en misselijk.	   
    		   
    
    

    <<< Terug <<<



    home.deds.nl/~hdebie45/Genea